Home » Thema's » Halloween

Themakastje


Het themakastje stelt het thema voor waarrond er gewerkt wordt. Elk element die in het themakastje zit komt aan bod.  Je kan elke dag een extra element toevoegen om de betrokkenheid van het themakastje te verhogen. 

Inhoud:

- pompoenen

- heks en heksenketel

- griezeldieren ( spinnen, ratten,...)

- spookjes

- doodshoofden

Klasversiering


Hier zijn enkele voorbeelden wat je kan doen om je klas aan te kleden in het thema Halloween.

- Halloweenversiering

- Skelet

- Handpop heks 

Klasverrijking


Pompoenwinkel

 

Materiaal: verschillende soorten pompoenen,...

Verkleedhoek

 

Materiaal: verkleedkledij van spook, heks, pompoen, vampier, weerwolf,...

Activiteiten


Wiskundige activiteiten


Aankleedpuzzel Heks

De kleuters kleden de heks aan. Ze hangen hiervoor de kledingstukken ( hoed, kleed en schoenen) op de juiste plaats. Ze kijken hiervoor naar de kleuren maar ook naar de vorm van de kledij. 

Er is een spel voor peuters rond de kleuren, bij het 1e kleuter is het rond kleuren en vormen en bij het 2e en 3e kleuter is het met opdrachtkaarten. 

Skeletmemorie

De kleuters zoeken hetzelfde skelet. 

Hiervoor kijken ze naar de houding van het skelet.

Je kan werken met dezelfde prent zoeken of een prent en een schaduw.

 

Brouwselkaarten

De kleuters gaan op zoek naar het juiste brouwsel. Hiervoor kijkt men welke ingrediënten men nodig heeft, maar ook hoeveel.

Als men het juiste brouwsel gevonden heeft, zet men deze op het vuur ( vraagteken).

Je kan werken met enkel de soort ingrediënten of ook met het aantal erbij. 

 

Het is een goede oefening waarbij tellen aanbod komt. Eventueel kan je dit ook uitvoeren met concreet materiaal. 

Sorteer - en teltopologie Halloween

De kleuters sorteren de juiste halloweenmaterialen in het juiste vakje van het bakje.

Dit is een goede oefening voor zowel de ruimtelijke oriëntatie als het sorteren.

 

De kleuters tellen de halloweenmaterialen en leggen het juiste aantal in het juiste vakje van het bakje.

Hier ligt de nadruk meer op het tellen en aantallen herkennen en daarna pas op de ruimtelijke oriëntatie.

Stapelpompoenen

De kleuters stapelen de pompoenen zoals op de opdrachtkaarten. 

Hierbij dienen ze rekenig te houden met de vorm en kleur van de pompoenen.

Men kan dit doen in 2D met prenten als in 3D met gehaakte pompoenen. Het leuke aan de gehaakte pompoenen is dat ze ook moeten bouwen en zorgen dat hun toren niet omvalt.

Pompoenpuzzels

De kleuters proberen om de pompoenen terug heel te maken en de juiste helften bij elkaar te zoeken. 

Hiervoor houden ze rekening met de kleuren, maar ook met de vorm van het puzzelstuk. 

Patroonwebkaarten

Welke diertje zal de spin opeten?

 

De kleuters starten bij de spin en volgen het patroon dat links in de hoek staat. 

Ze duiden dit aan tot ze niet meer kunnen en dan komen ze uit bij het diertje dat de spin zal opeten.

 

De diertjes die de spin opeet, is het voedsel dat de spin ook echt eet. 

Pompoenspel 3 in 1

Deze kaartjes kan je op 3 manieren inzetten als een activiteit.

  1. Wie is het pompoenversie: de kleuters gaan aan de hand van vragen op zoek naar de juiste pompoen. Wanneer ze iets uitsluiten draaien ze de kaartjes om. 
  2. Pompoenmemorie: de kleuters zoeken 2 dezelfde pompoenen
  3. Ik zie ik zie wat jij niet ziet: aan de hand van kenmerken die je opsomt zoeken de kleuters de juiste pompoen. Gebruik hier ook negatie ( bv: ik zie ik zie wat jij niet ziet en het is geen oranje pompoen) .

In elk spelletje is differentiatiemogelijk door meer of minder kaartjes te gebruiken. 

Het spinspel

De kleuters proberen om met de spin de meeste vliegen te pakken. 

 

De spin start in het midden en is de pion van iedereen. 

De vliegen zitten telkens op de zwarte bolletjes. Men kan enkel een vlieg pakken als men er recht op zit en dus niet als men er voorbijgaat. 

De spin moet zich verplaatsen door de webdraden te volgen, maar mag dus niet schuin gaan. 

Spel ' Heksensoep'

Het doel van het spel is om als eerste al je ingrediënten voor de soep kwijt te geraken.

Alle kleuters zijn een heks en starten vanuit hun huisje met een bepaald ingrediënt.

Men draait rondjes rond de heksenketel, de dobbelsteen geeft aan hoeveel stappen men mag doen. Maar soms komt men op een steen te staan met een symbool op. Elk symbool heeft een bepaalde betekenis ( bv: verwissel de stenen, dobbel nog een keer, sla een beurt over, ...).

Voor de uitgebreide speluitleg vraag naar de spelfiche. 

Patroonkaarten/nalegkaarten pompoenen

De kleuters leggen de pompoenen in de juiste volgorde zoals aangegeven op de patroonkaarten. 

Dit doet men door het patroon verder te zetten.

De jongste kleuters kunnen werken met de nalegkaarten. Hierbij moet men gewoon de kaarten na leggen met pompoenen.

Het is een goede oefening om patronen in te oefenen.

De pompoenen kwamen van de action, de beschikbaarheid is onduidelijk. 

Taalactiviteiten


Woordwebkaarten

De kleuters vormen de halloweenwoorden door de juiste letters met elkaar te gaan verbinden. 

Het verbinden kan je doen met plasticine die men moet rollen in slangetjes of met een whiteboardstit.

Motorische activiteiten


Rijgplankjes mummie

De kleuters rijgen de veters door de gaatjes van links naar rechts. 

Hierdoor ontstaat een mummie.

Ze moeten wel de ogen vrijlaten.

 

Het is een goede oefening voor de fijne motoriek. 

Skeletpuzzels

De kleuters timmeren de botten van het skelet in de juiste houding volgens de opdrachtkaarten. 

 

Het is een goede oefening voor de lichaamsopbouw, fijne motoriek en de herkenning van lichaamsdelen. 

Kan ook gebruikt worden in thema ziek zijn. 

Webshop



Fotogalerij



Op zoek naar meer ideeën rond halloween?